NAH
Blog NAH

Bijna weer de oude…

“Yes eindelijk, dat werd ook wel eens tijd!” roep ik enthousiast tegen de dokter.

De afgelopen dagen heb ik al behoorlijk wat vooruitgang geboekt en mijn geheugen wordt met de dag beter zeggen ze. Ik kan mijn geluk dan ook niet op als de beste man vertelt dat ik vanmiddag naar huis mag, als ik over anderhalve week maar terug kom om de hechtingen uit mijn hoofd te laten halen en het rustig aan doe voor in ieder geval de komende twee weken.
 

Discussiepuntje

Dat was nogal een discussiepunt, want eigenlijk vond hij dat het drie weken moesten wezen, omdat op de scans duidelijke blauwe plekken in mijn hoofd te zien zouden zijn geweest. Maar ik moet er niet aan denken om drie weken niets te doen, en op mijn stage zullen ze ook niet blij zijn als ik zo lang zit te niksen. En na een paar – al zeg ik het zelf- behoorlijk sterke argumenten heb ik die drie weken naar twee weten af te dingen. Hij wil nog wel even met mijn ouders spreken voor ik vertrek uit het ziekenhuis, maar verder is hij klaar met mij.

Tijd voor een goed feestje zou je zeggen, maar ik wil niks liever dan een warme douche en mijn haren wassen. Mijn moeder hield mij gisteren een spiegel voor, en mijn blonde lokken bevatten op het moment een rode gloed met dikke korsten bloed er in. Ook de rest van mijn lichaam voelt behoorlijk verwaarloosd en ik kan niet wachten om dat smoezelige gevoel er af te spoelen.
 

Onderweg

Als mijn ouders in de middag eindelijk komen om mij naar het hotel te brengen, word ik in een rolstoel -waar ik behoorlijk pissig om ben, iets met zelfstandige vrouwen, en mezelf best kunnen redden- naar de voordeur van het ziekenhuis gebracht. Daar staat de auto van mijn opa en oma vlak bij geparkeerd en het laatste stukje hobbel ik op mijn krukken die kant op. De spalk om mijn been mocht er gelukkig al snel af, omdat die niet gebroken bleek, maar een scheurtje bevatte.

“Waarom zijn jullie met opa en oma’s auto helemaal naar Duitsland gereden, die rijdt toch veel minder zuinig?” vraag ik als we eenmaal onderweg zijn.

Mijn moeder antwoord: “we wisten niet hoe we je zouden aantreffen, en of je veel ruimte nodig had om vervoerd te worden”.

Aha, knik ik.
 

Schoon!

Bij het hotel aangekomen, ben ik ontzettend blij met de luxe. Na twee maanden stage gelopen te hebben op een internationale paardensport stal, waar ik regelmatig dagen van veertien uur werkte en op een kamer sliep waarbij de vloer vaak bedekt was met een laag stro omdat ik te moe was -en trouwens ook geen tijd had- om de boel schoon te houden, is een prachtige (en schone!!) hotelkamer een verademing. Ook de enorme doucheruimte is een fantastische aanwinst.

De daarop volgende dagen hebben we het ontzettend druk met meerdere keren op een dag naar de ijssalon onder het hotel te -voor mij stuntelen op krukken- lopen. Daarnaast heb ik het verschrikkelijk druk met slapen, op bed liggen en wennen aan een constant scherpe hoofdpijn.

Mijn ouders daarin tegen hebben zich prima vermaakt met boodschapjes doen, in de omgeving rond rijden en regelmatig ergens neer ploffen om te genieten van een drankje of nog meer ijs.
 

Terug naar stage

Na een week kan ik inmiddels aardig lopen met mijn krukken, en omdat ik nu nog maar één week rustig aan hoef te doen van de arts, en ik mijn laatste maand -die beter betaald zal zijn, omdat ik mijn stage zo goed als afgerond heb, en de zomer daar kan blijven werken- wil afmaken, hebben we besloten dat ik in Duitsland blijf. Na een hoop geknuffel en een paar tranen hebben mijn ouders mij weer afgezet bij mijn stagebedrijf en zijn naar huis gereden waar ze weer druk aan het werk moeten omdat ze allebei twee weken gemist hebben.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *